Een gesprek met Nicole Beutler en Felix Ritter

auteur: Luc Verhaegh

Nicole Beutler (choreografe) en Felix Ritter (dramaturg) vertellen over de inspiratiebronnen die hebben geleid tot 3: THE GARDEN, een onderzoek naar de scheiding tussen natuur en cultuur. 3: THE GARDEN was van 15 tot en met 19 maart 2011 te zien in Frascati Theater, Amsterdam.

Natuurfilosofie
NB: “Ik kom van een humanistisch gymnasium, dus ik ben gewend om terug te kijken naar oude bronnen. Daarom ben ik voor deze voorstelling gaan kijken naar de presocratische natuurfilosofen. Pythagoras, Parmenides en Anaxagoras zijn belangrijk geweest. De natuurfilosofen hebben geprobeerd om het functioneren van de wereld te vangen in woorden. Zo hebben ze bijvoorbeeld geprobeerd om de klank van het universum te beschrijven. Dat die specifieke klank een ultieme wereld kan bewerkstelligen.”

FR: “Ze hebben getracht een vocabulaire op te stellen voor onmeetbare dingen. En de wetenschap van nu merkt dat deze onbeschrijfbare, onmeetbare dingen nog steeds moeilijk te omschrijven zijn.”

NB: “Onze opdracht hierin was: vind natuur in theater. Zodra je iets op toneel doet, is het automatisch reproductie, dus cultuur. Daar zit al een probleem. Hoe kun je natuur benaderen op toneel? Wij kwamen uit bij de mens zelf, die in dit geval de natuur is. Hoe natuurlijk zijn wij in onze natuurlijke habitat, en wat is onze natuurlijke habitat? Een andere conclusie was, dat natuur hetgeen is wat niet controleerbaar is, dus ook een computervirus. Of een kerncentrale.”

Monte Verità
NB: “Hoe zoeken mensen een plek als utopische kunstenaarsgemeenschap? Dat was de vraag die ons bezighield toen we Monte Verità bestudeerden. Monte Verità in Zwitserland was de plek waar een groep van kunstenaars zich vestigde in de jaren ’10 en ’20 van de vorige eeuw. Vanuit urbane en industriële ontwikkelingen wilden zij het tegendeel leveren. De vrouw ging uit het korset en droeg vanaf nu een toga. Ook zij refereerden dus aan de oude Grieken. Ze werden vegetariërs, liepen vaak naakt rond, tuinierden samen. Alle codes van de urbane samenleving werden opengebroken. Maar tegelijkertijd, en dat is de paradox, is het een vorm van de hoogste civilisatie, die gezamenlijke zoektocht naar de natuur. Daarna werd het een toeristische attractie, met een hotel erbij. Ach, ze hebben het vijf jaar volgehouden.”

FR: “De universele vraag in die tijd luidde: hebben we een nieuwe mens nodig? Kunnen we dan beter omgaan met de maatschappij, met het leven zelf? Misschien is teruggaan naar de natuur al een nieuwe mens worden. Het is in ieder geval een hele brede, interessante, maar ook gevaarlijke vraag. Het probleem van de moderne mens is namelijk dat het altijd draait om beter of anders worden, terwijl het volgens mij veel meer gaat om zijn wie we zijn. En het was uiteraard een gevaarlijke vraag omdat de communisten en fascisten het helemaal niet meer over de realiteit hadden in die tijd.”

De romantiek
NB: “De romantiek is altijd al belangrijk geweest voor mijn werk. Het is de tegenhanger van de Verlichting, die zei: ‘de mens is in staat om alles rationeel te begrijpen.’ De Romantiek zorgde voor de bewustwording van het onverklaarbare. Dat is ook wat ik probeer, ik weet niet of het altijd lukt, maar ik probeer elke keer denk- en kijkconventies open te breken. Altijd wakker blijven en blijven reflecteren. Het sublieme is ook in de Romantiek ontstaan. Je staat voor een afgrond en je vindt het prachtig en verschrikkelijk tegelijk. Het maakt namelijk de immense schoonheid duidelijk, maar ook jouw eigen kleinheid in dit geheel. Zie hiervoor ook het schilderij Der Wanderer über dem Nebelmeer van Caspar David Friedrich. De natuur en het sublieme kun je niet maken, dat moet gebeuren. Terwijl schoonheid, dat kun je maken.”

Rousseau
NB: “Toen we bij Jean-Jacques Rousseau aankwamen, wiens provocerende Émile, ou De l’Éducation als belangrijke inspiratiebron diende, kwamen we al snel uit bij de dierlijkheid van de mens. In Émile stelt Rousseau, dat een mens de eerste vijftien jaar zonder civilisatie zou moeten opgroeien. De natuur van de mens zou dus genoeg moeten zijn. Kaspar Hauser, het toneelstuk van Handke en de film van Herzog (Jeder für sich und Gott gegen alle van Werner Herzog is doorlopend te zien in de lounge van Frascati, LV) hierover, gaat daar ook over. En wat is hier de functie van taal? De mens is de enige diersoort die taal gebruikt om aandacht te delen. Een chimpansee zal bijvoorbeeld wel tegen zijn soortgenoten zeggen dat er vuur is, maar als hij wordt geconfronteerd met schoonheid, zal hij dit niet delen met zijn soortgenoten. De mens heeft deze neiging wel. En dat is een fijn gegeven voor theater.”

Einstürzende Neubauten
NB: “Een moderne inspiratiebron voor dit project, was het lied The Garden van Einstürzende Neubauten. Het nummer is zo simpel en toch zo effectief. In het nummer zingt Blixa Bargeld: ‘You can find me in the garden, if you want to.’ Dat gaat over zoveel dingen. Het gaat over theater, over het verlangen naar die tuin. Je moet die tuin willen zien. Je moet er zin in hebben. We hebben geprobeerd ook een tuin te maken in deze voorstelling.”

FR: “Een ander interessant gegeven, was dat we er achter kwamen dat een merel de hele tijd zegt ‘hier ben ik!’, door zijn zang. De hele dag lang. Iedereen weet het al, maar toch zingt de merel verder. De merel gaat verder omdat hij het zelf zo mooi vindt. En dat is precies de natuur! Omdat wij het zelf zo mooi vinden, gaan we ermee door.”

Luc Verhaegh, 15 maart 2010